Oranje zit in een interessante fase. Het team van Ronald Koeman combineert ervaren spelers met jong talent en laat weer van zich horen. Ze doen mee in de Nations League, strijden om een plek op het WK 2026 en spelen met flair. Maar hoe ziet het Nederlands elftal er nu eigenlijk uit – en waarom is deze generatie zo bijzonder?
Wie zijn de sleutelspelers in 2025?
De selectie van nu is lekker in balans. Je hebt bekende gezichten zoals Virgil van Dijk als rots achterin, Frenkie de Jong die het spel dicteert, en voorin Memphis Depay of Cody Gakpo die het verschil maken. Maar er staan ook jonge gasten op: Bart Verbruggen keept alsof hij al jaren meedraait en Ian Maatsen en Xavi Simons kloppen steeds harder op de deur.
Wat opvalt? De breedte. Waar Oranje vroeger wat dun bezaaid was qua kwaliteit, kan Koeman nu echt kiezen. Zo heb je Brian Brobbey als fysieke spits, Denzel Dumfries die met zijn rushes de flank opvliegt, en Jeremie Frimpong die overal opduikt: back, flank, aanval – hij kan het allemaal.
Een globaal overzichtje van wie waar speelt:
| Positie | Spelers |
| Doel | Bart Verbruggen, Mark Flekken |
| Verdediging | Van Dijk, De Ligt, Geertruida, Van Hecke, Maatsen, Dumfries |
| Middenveld | Frenkie de Jong, Xavi Simons, Wieffer, Reijnders, Veerman |
| Aanval | Memphis, Gakpo, Brobbey, Frimpong, Lang, Bergwijn, Weghorst |
Wat is de speelstijl van Koeman?
Koeman wil aanvallen, dat zie je meteen. Veel balbezit, opbouwen van achteruit, backs die mee naar voren stormen. Nederland speelt in feite met een soort aanvallende zes, waarbij middenvelders én backs voortdurend opduiken rond de zestien.
Neem Teun Reijnders en Mats Wieffer bijvoorbeeld. Die brengen rust én pit naast Frenkie, die met zijn dribbels het ritme bepaalt. Voorin is het allesbehalve voorspelbaar: Gakpo loopt diep, Simons dartelt overal tussendoor en Brobbey duwt zich overal langs. Dat maakt Oranje lastig te verdedigen.
Hoe staat het met de prestaties?
Ze doen mee, dat is duidelijk. In de Nations League waren er pittige potjes tegen Spanje – 2-2 en 3-3, en pas na penalties eruit. In de WK-kwalificatie was er een solide 0-2 overwinning op Finland. Niet alleen mooi voetbal dus, maar ook resultaat.
Toch: het is nog niet af. Tegen sterke tegenstanders laat Oranje soms gaten vallen in de omschakeling. Daar moet nog aan gesleuteld worden. Gelukkig zijn er ervaren gasten als Van Dijk en De Ligt die de boel bij elkaar houden als het even wiebelt.
Uit welke clubs komen de spelers?
De selectie is lekker internationaal. Je ziet jongens uit Engeland, Duitsland, Italië én de Eredivisie – een mooie mix van topniveau en Hollandse degelijkheid.
- Premier League: Gakpo (Liverpool), Verbruggen (Brighton), Maatsen (Chelsea)
- Bundesliga: Simons (Leipzig), Frimpong (Leverkusen)
- Serie A: De Vrij en Dumfries (Inter), Koopmeiners (Atalanta)
- Eredivisie: Brobbey en Bergwijn (Ajax), Veerman (PSV)
Spelers die wekelijks topwedstrijden spelen nemen die scherpte mee naar Oranje. En dat merk je, vooral in de grote duels.
Wat kunnen we verwachten richting het WK 2026?
Als alles een beetje loopt zoals nu, dan zit Nederland prima. De basis staat. Jonge spelers als Verbruggen, Maatsen en Simons gaan alleen maar belangrijker worden. En de oude garde? Die kan hun ervaring overdragen en nog één keer knallen.
De komende wedstrijden tegen Polen en Litouwen zijn ideaal om automatismen te trainen en vertrouwen op te doen. Als Koeman de aanvalskracht kan koppelen aan wat meer defensieve zekerheid, dan zou dit elftal in 2026 zomaar eens voor een verrassing kunnen zorgen.